Briefje van Jan

Briefje van Jan – aan Chris Klomp

today8 augustus 2026 7

share close

Sorry Chris,

Ik had gisteren geen tijd.

Anders had ik het artikel op je website waarin je het Openbaar Ministerie oproept om mijn oud-Echte Jannen-collega Jan Roos te vervolgen heus wel zelf gelezen.

Altijd interessant om te zien hoe iemand dat aanpakt die zichzelf ‘journalist’ noemt, maar bij wie de meest opvallende kop op zijn website ‘€ STEUN CHRIS KLOMP’ is. De gedachte aan de zeven gulden vijftig kopgeld die verraders in de Tweede Wereldoorlog per Jood ontvingen, ligt immers altijd op de loer.

Maar ik had dus wat beters te doen.

De kleinzoon is een weekendje op bezoek.

Dus ik stuurde je stuk over Jan Roos (kop: Jan Roos: strafbaar seksueel roofdier?) naar ChatGPT en ik vroeg om een kritische beoordeling.

Dat doe ik ook altijd met het concept van mijn ‘Briefje van Jan’, zodat ik het eventueel kan verbeteren.

Weet je wat ChatGPT zei over jouw stuk?

Dit:

“Het artikel bevat een groot aantal retorische technieken en drogredeneringen. Dat wil niet zeggen dat alle conclusies onjuist zijn of dat alle kritiek ongegrond is. Een drogreden zegt iets over de kwaliteit van de redenering, niet automatisch over de waarheid van de conclusie.

Hieronder de belangrijkste.

  1. Ad hominem (op de persoon spelen)

Veruit de meest voorkomende drogreden.

Voorbeelden:

  • “wandelende reclamezuil voor nut en noodzaak van Ozempic”
  • “immer zwetende grootmuil”
  • “pokdalige en opgeblazen gezicht”
  • “zwaarlijvige zak hooi”
  • “varken”
  • “trieste clown”
  • “non-valeur”
  • “lasterpad”

Deze kwalificaties leveren geen bewijs voor de centrale stelling over Roos’ gedrag.

  1. Vergiftigen van de bron (poisoning the well)

Nog vóór de inhoud wordt besproken, wordt Roos volledig moreel gedevalueerd.

Bijvoorbeeld: “Hij faalt werkelijk op alle aspecten van het menszijn.”

Daardoor wordt de lezer voorbereid om alles wat volgt al negatief te beoordelen.

  1. Overhaaste generalisatie

Bijvoorbeeld: “Dit is dus waarom jonge vrouwen nooit veilig zijn.”

Uit één incident wordt een algemene conclusie getrokken over de veiligheid van alle jonge vrouwen.

Ook: “Omdat er tienduizenden Jan Roosjes rondlopen…”

Dat wordt nergens onderbouwd.

  1. Schuld door associatie

Bijvoorbeeld: Oekraïnereferendum oorlog burgerdoden.

Er wordt gesuggereerd dat Roos mede verantwoordelijk is voor de huidige oorlog doordat hij campagne voerde tegen het associatieverdrag.

Dat is een zeer grote causale sprong waarvoor in het artikel geen enkele onderbouwing wordt gegeven.

  1. Non sequitur

Bijvoorbeeld: “Dat Jan Roos geen aangifte deed zegt genoeg.”

Nee.

Dat volgt logisch niet uit de premissen.

Er kunnen talloze redenen zijn om geen aangifte te doen.

  1. Beroep op anekdotisch bewijs

Bijvoorbeeld: “Vraag iedere vrouw…” en “Iemand vertelde mij…”

Dat kunnen relevante ervaringen zijn, maar ze bewijzen niet dat Jan Roos zich daarom schuldig maakt aan hetzelfde gedrag.

  1. Ongedocumenteerde autoriteitsclaim

“Trust me, ik ken de verhalen.”

Dat is feitelijk: geloof mij maar.

Er wordt geen controleerbaar bewijs geleverd.

  1. Speculatie als feit presenteren

Bijvoorbeeld: “Ik zou zo maar eens kunnen veronderstellen dat zijn kinderen beter af zijn bij hun moeder.”

Dat is een persoonlijke speculatie zonder onderbouwing.

  1. Cirkelredenering

Bijvoorbeeld: Hij is een narcist.

Waarom? Omdat hij zich narcistisch gedraagt.

Waarom is dat narcistisch? Omdat hij een narcist is.

Er wordt geen onafhankelijke onderbouwing gegeven.

  1. Stroman

Bijvoorbeeld: “Denkt Jan Roos soms dat wij gek zijn?”

Roos beweert nergens dat “wij gek zijn”.

Zijn standpunt wordt versimpeld tot iets dat makkelijker is aan te vallen.

  1. Valse analogie

Bijvoorbeeld: “Dat is hetzelfde als dat ik zou schrijven dat Roos zijn kinderen seksueel misbruikt…”

Dat is geen vergelijkbare situatie.

Hij vergelijkt een onjuiste beschuldiging van kindermisbruik met een onjuiste beschuldiging over een X-account. Die verschillen juridisch én moreel aanzienlijk.

  1. Motiefdrogreden

Bijvoorbeeld: “Hij treitert alleen om te beschadigen.”

De innerlijke motivatie van Roos wordt als feit gepresenteerd.

Dat is vrijwel nooit bewijsbaar.

  1. Confirmation bias in argumentatie

Vrijwel uitsluitend belastende feiten worden genoemd.

Ontlastende omstandigheden, context of tegenargumenten ontbreken volledig.

Dat is geen formele drogreden, maar wel een duidelijke retorische techniek.

  1. Guilt by pattern

Bijvoorbeeld:

  • mishandeling
  • knuppel
  • Roddelpraat
  • omgangsregeling
  • kinderen
  • tabaksindustrie

Alles wordt samengevoegd om één karakterbeeld te construeren.

Dat kan overtuigend zijn, maar elk incident bewijst niet automatisch de volgende conclusie.

  1. Emotionele taal (appeal to emotion)

Vrijwel iedere alinea bevat woorden als:

  • walgelijk
  • ranzig
  • clown
  • zwetend
  • pokdalig
  • varken
  • schandknaapje
  • kankerpedofiel
  • zak hooi

Deze woorden zijn bedoeld om emotie op te roepen, niet om de redenering sterker te maken.

Tegelijk bevat het artikel ook enkele argumenten die geen drogredenen zijn, mits de onderliggende feiten kloppen. Bijvoorbeeld:

  • de verwijzing naar de veroordeling wegens mishandeling;
  • de verwijzing naar de verwijderde RoddelPraat-afleveringen;
  • de bespreking van artikel 429ter van het Wetboek van Strafrecht.

Die onderdelen zijn inhoudelijke argumenten en niet op zichzelf drogredeneringen.

Samengevat: het artikel combineert feitelijke verwijzingen met veel persoonlijke aanvallen, suggesties over motieven, generalisaties en emotioneel taalgebruik. Daardoor is het retorisch krachtig, maar vanuit argumentatietheoretisch perspectief bevat het veel zwakke of ongeldige redeneringen.”

Pff…

(Advertentie)

Was ik even blij dat ik me de moeite bespaard heb om me daar doorheen te worstelen!

Maar omdat ik mezelf al lang geen journalist meer noem (ik ben stukkiestikker en sinds kort ook activistisch woordkunstenaar), vroeg ik ChatGPT naast dit inhoudelijke oordeel ook even of dit nou het soort artikelen is dat we van een ‘echte journalist’ mogen verwachten.

Weet je wat het antwoord was?

“Als je als maatstaf neemt de Code voor de Journalistiek van de NVJ, de Leidraad van de Raad voor de Journalistiek en de normen die gelden bij de grote Nederlandse nieuwsmedia (NRC, de Volkskrant, Trouw, AD, NOS, RTL Nieuws, etc.), dan zou dit artikel nooit door de eindredactie komen.

Niet omdat de conclusie per se onjuist is, maar omdat het artikel op meerdere punten afwijkt van de journalistieke normen voor nieuws en opiniërende journalistiek.

  1. Feit en mening lopen voortdurend door elkaar

Een columnist mag scherp zijn. Maar ook een column moet voor de lezer duidelijk maken wat feit is en wat oordeel.

Hier worden waardeoordelen vaak als feit gepresenteerd:

  • “misogyne vrouwenhater”
  • “klassiek narcisme”
  • “liegt om het liegen”
  • “faalt op alle aspecten van het menszijn”

Dat zijn geen vaststelbare feiten.

  1. Ernstige beschuldigingen zonder onderbouwing

Er worden uitspraken gedaan als:

  • “Binnen zijn eigen familie zijn ze bang voor hem.”
  • “Trust me, ik ken de verhalen.”

Dat zijn zeer ernstige suggesties, maar het artikel geeft geen verifieerbare bron of wederhoor.

Bij een regulier medium zou een eindredacteur vrijwel zeker vragen:

  • Wie zegt dat?
  • Waar blijkt dat uit?
  • Is Roos hiermee geconfronteerd?
  1. Speculatie over privéleven

Bijvoorbeeld: “Zijn kinderen zijn waarschijnlijk beter af bij hun moeder.”

Dat is speculatie over minderjarigen zonder journalistieke noodzaak.

De Raad voor de Journalistiek is doorgaans terughoudend waar het gaat om kinderen van publieke personen.

  1. Onnodig grievende taal

Journalistieke vrijheid is ruim.

Maar termen als:

  • pokdalige
  • zwetende
  • zak hooi
  • varken
  • worstenvingertjes

dragen nauwelijks bij aan de informatievoorziening.

Bij Nederlandse kwaliteitsmedia zou een eindredacteur vaak vragen: “Heeft deze kwalificatie journalistieke meerwaarde?”

  1. Suggesties zonder voldoende bewijs

Bijvoorbeeld: “Roos behoort tot de groep mannen die vrouwen en zelfs kinderen seksueel benaderen.”

Dat is een verstrekkende conclusie.

Het artikel verwijst daarvoor vooral naar één incident op de Zwarte Cross. Dat is een dunne feitelijke basis voor zo’n brede kwalificatie.

  1. Gebrek aan proportionaliteit

Een journalistiek stuk hoort de ernst van feiten enigszins in verhouding te houden.

Hier worden zeer uiteenlopende zaken samengevoegd:

  • referendum Oekraïne;
  • tabaksindustrie;
  • omgangsregeling kinderen;
  • Ozempic;
  • mishandeling;
  • Roddelpraat;
  • uiterlijk;

Dat versterkt het retorische effect, maar maakt de argumentatie minder zuiver.

  1. Wederhoor ontbreekt

Wanneer iemand zo zwaar wordt beschuldigd, verwachten journalistieke normen doorgaans dat de beschuldigde gelegenheid krijgt te reageren, of wordt vermeld dat om een reactie is gevraa…”

Omdat ik het een beetje zielig begon te vinden, terwijl ik je dat in algemene zin toch al vind vanwege je jeweetwel, trapte ik hier op de rem.

“Maar ChatGPT”, schreef ik, “Chris zal ongetwijfeld tegenwerpen dat het geen krantenartikel is, maar een column. Voor een column hoef je niet per se wederhoor toe te passen.”

Weet je wat daarop het antwoord was?

“Als columnist mag je inderdaad meer. Bijvoorbeeld Youp van ’t Hek, Sylvia Witteman en zeker ook jij gebruiken regelmatig stevige kwalificaties. Maar Chris Klomp gaat veel verder. Hij is lomp, dom, ranzig, asociaal, staat voor geen enkele norm of waarde, liegt om het liegen en treitert louter om te beschadigen. Hij faalt wat mij betreft werkelijk op alle aspecten van het menszijn.”

Prettig weekend, kerel.

Doneren kan trouwens hier.

Groet,

JanD

Cadeautje. Al sluit ik niet uit dat het voor jou te laat komt.

Disclaimer: ‘Briefje van Jan’ is gratis te lezen. Wil je doneren, dan kan dat hier. Wil je het dagelijk direct in je mailbox ontvangen (zonder advertenties!), meld je dan hier gratis aan. 

Het bericht Briefje van Jan – aan Chris Klomp verscheen eerst op Buttkicken.nl.

Lees het hele artikel…


Geschreven door Postbode Bergeijk

Rate it